2020 - Rappresentazione anni che passano

De wijzigingen voor HR 2020 in een overzicht

Nu we na de vakantie weer fris achter ons bureau zitten, kunnen we onze blik richten op de wijzigingen die er volgend jaar zijn in het HR-vakgebied. Zoals de verbouwing van het ontslagrecht en de transitievergoeding, de nieuwe ketenregeling, betaald partnerverlof en verruiming van vergoedingen. Op Prinsjesdag krijgen we meer te horen, maar hierbij toch alvast de belangrijkste wijzigingen voor HR in 2020 op een rijtje.

Volgend jaar wordt belangrijk voor het kabinet. Het presenteert dan de laatste echt eigen begroting, omdat we in maart 2021 alweer naar de stembus mogen voor de nieuwe Tweede Kamerverkiezing. Daarom, en omdat er een overschot is op de Rijksbegroting, zou het kabinet wel eens extra geld kunnen uittrekken om de koopkracht van specifieke groepen te verbeteren.

Uitgelekt is al dat het kabinet tientallen miljarden zal reserveren voor investeringen in kennis en infrastructuur. Door nu zeer goedkoop te lenen, kan de overheid dit geld straks uitgeven zodra de economie minder uitbundig groeit. Dat kan zou de werkgelegenheid kunnen stimuleren als banenverlies dreigt.

Belangrijkste wijzigingen voor HR in 2020
Het afgelopen jaar zijn voor HR twee belangrijke wapenfeiten tot stand gebracht: het Pensioenakkoord en de afronding van de Wet Arbeid in Balans die in 2020 ingaat. Vooral van die laatste wet, zullen HR-professionals en werknemers in 2020 het meeste merken.


Invoering Wet arbeidsmarkt in Balans

De Wet arbeidsmarkt in Balans wordt in 2020 ingevoerd en daarmee wijzigt onder andere het ontslagrecht, de ketenregeling en het recht op transitievergoeding. In het schema hieronder ziet u een overzicht van de belangrijkste wijzigingen:

Wet Arbeidsmarkt in balans
Eenvoudiger ontslag: Ontslag wordt ook mogelijk als er sprake is van een optelsom van omstandigheden, de zogenaamde cumulatiegrond. Nu moet de werkgever aan één van de acht ontslaggronden volledig voldoen.
De nieuwe negende grond geeft de rechter de mogelijkheid omstandigheden te combineren. De werknemer kan een halve transitievergoeding extra krijgen (bovenop de transitievergoeding), wanneer de cumulatiegrond gebruikt wordt voor het ontslag.
Vanaf dag 1 transitievergoeding: Werknemers krijgen vanaf de eerste dag recht op een transitievergoeding (ontslagvergoeding), ook tijdens de proeftijd.
Lagere transitievergoeding bij lang dienstverband: De opbouw van de transitievergoeding wordt verlaagd bij lange dienstverbanden.
Bedrijfsbeëindiging kleine werkgevers: Er komt een regeling voor kleine werkgevers om de transitievergoeding te compenseren als ze hun bedrijf moeten beëindigen wegens pensionering of ziekte. Dit wordt verder uitgewerkt in aanvullende regelgeving.
Géén langere proeftijd vast contract: Het oorspronkelijke plan om de proeftijd voor vaste contracten te verlenging naar vijf maanden is door de Tweede Kamer afgeschoten.
Ketenregeling weer terug naar 3 jaar: De opeenvolging van tijdelijke contracten wordt verruimd. Nu is het mogelijk om aansluitend drie contracten in twee jaar te aan te gaan. Dit wordt weer drie jaar.
Pauze tussen contracten verkorten per cao: Ook wordt het mogelijk om de pauze tussen een keten tijdelijke contracten per cao te verkorten van zes naar drie maanden als er sprake is van terugkerend tijdelijk werk dat maximaal negen maanden per jaar kan worden gedaan.
Uitzondering ketenregeling onderwijs: Daarnaast komt er een uitzondering op de ketenregeling voor invalkrachten in het primair onderwijs die invallen wegens ziekte.
Payroll wordt duurder: Werknemers die op payrollbasis werken, krijgen dezelfde arbeidsvoorwaarden als de werknemers die in dienst zijn bij de opdrachtgever, met uitzondering van pensioen waar een eigen regeling voor geldt. De definitie van de uitzendovereenkomst wordt niet gewijzigd.
Oproepkracht hoeft niet altijd beschikbaar te blijven: Er worden maatregelen genomen om verplichte permanente beschikbaarheid van oproepkrachten te voorkomen. Zo moet een werknemer minstens vier dagen van tevoren worden opgeroepen door de werkgever. Ook houden oproepkrachten recht op loon als het werk wordt afgezegd. De termijn van vier dagen kan bij cao worden verkort tot één dag.
Lagere WW-premie afdragen voor vaste werknemers: De ww-premie wordt voor werkgevers voordeliger als ze een werknemer een vaste baan aanbieden in plaats van een tijdelijk contract. Nu is de hoogte van de ww-premie afhankelijk van de sector waar een bedrijf actief in is. Vanaf 2020 gaan premies met 5 procentpunt omhoog voor tijdelijk werk.


Compensatie transitievergoeding langdurige ziekte

Werkgevers worden vanaf 1 april 2020 gecompenseerd voor de transitievergoeding die zij moeten betalen bij het ontslag van langdurig zieke werknemers. De compensatie komt uit het Algemeen werkloosheidsfonds, waarvoor werkgevers meer premie gaan afdragen. De regeling kent een terugwerkende kracht vanaf 2015. Het is voor werkgevers dus niet meer nodig om werknemers ‘slapend’ in dienst te houden.


MKB verzuim-ontzorg verzekering

Vanaf 2020 krijgen werkgevers een tegemoetkoming van 1100 euro voor de kosten van loondoorbetaling voor zieke werknemers, waar vooral kleine werkgevers van profiteren. De tegemoetkoming kunnen zij gebruiken voor een nieuwe ‘MKB-verzuim-ontzorg-verzekering’, die vanaf 1 januari 2020 beschikbaar komt. Deze verzekering vangt het financiële risico op en helpt bij de verplichtingen en taken rond de loondoorbetaling bij ziekte.


Verruiming Werkkostenregeling (WKR)

Werkgevers krijgen vanaf 2020 tot 2 duizend euro meer ruimte om hogere onbelaste vergoedingen te geven aan hun werknemers. De Werkkostenregeling (WKR), waarmee werkgevers bijvoorbeeld een kerstpakket of een bedrijfsuitje kunnen geven, wordt verruimd voor de eerste 400 duizend euro van de loonsom. Dit gebeurt zo, om vooral de arbeidslasten voor het midden- en kleinbedrijf te verlagen. Op dit moment mogen werkgevers uit de vrije ruimte tot 1,2% van het totale fiscale loon (de loonsom van alle medewerkers samen) onbelast vergoeden of verstrekken. Daarnaast zijn bepaalde onbelaste vergoedingen vrijgesteld, zoals voor reiskosten, een telefoon of opleidingskosten. Het kabinet gaat straks een twee-schijvensysteem hanteren bij het vaststellen van de vrije ruimte. Tot een loonsom van 400 duizend euro (circa 12 fte) zal een hoger percentage (1,7 procent) worden toegepast. Hierdoor krijgen werkgevers tot 2 duizend euro (42 procent) extra vrije ruimte tot hun beschikking.

Fiets van de zaak eenvoudiger, elektrische auto duurder
Vanaf 1 januari 2020 wordt het eenvoudiger om een ‘fiets van de zaak’ te rijden. Werknemers die van hun werkgever een fiets ter beschikking krijgen, hoeven daarover jaarlijks slechts 7% bijtelling te betalen. Dat kan dan ook een duurdere elektrische (lease-)fiets zijn. Werknemers hoeven geen ingewikkelde administratie meer bij te houden voor gereden privékilometers.

De bijtelling voor elektrische auto’s gaat omhoog naar 8%, mits de cataloguswaarde van de auto niet hoger is dan 45.000 euro. Voor alle andere auto’s blijft de bijtelling 22 procent.


Betaald partnerverlof van 6 weken
Vanaf 1 juli 2020 gaat het verlof voor partners na de komst van een baby naar maximaal zes weken: 1 week wordt al betaald door de werkgever, maar daarnaast kan de partner tot maximaal 5 extra weken aanvullend geboorteverlof opnemen waarvoor het UWV een uitkering verzorgt van 70% van het loon.


AOW-leeftijd gefixeerd, pensioenkorting dreigt

Door het overeengekomen pensioenakkoord blijft de AOW-leeftijd in 2020 en 2021 gefixeerd op 66 jaar en vier maanden (was 67 jaar in 2021). Na 2021 stijgt de AOW-leeftijd weer verder, maar de opbouw verloopt langzamer dan vòòr het pensioenakkoord: niet langer één jaar later voor ieder extra levensjaar, maar 8 maanden later voor ieder extra levensjaar.

Grote Nederlandse pensioenfondsen kregen de afgelopen tijd flinke klappen op de beurs en ook de rente blijft laag. In het Pensioenakkoord is een versoepeling van de regels afgesproken, maar de resultaten van sommige pensioenfondsen zijn al vijf jaar zo slecht, dat in 2020 nu echt een verlaging van de pensioenen dreigt. Dit afstempelen zal wel geleidelijk gebeuren, maar toch zullen werknemers die nog premie afdragen daardoor minder pensioen opbouwen, terwijl gepensioneerden dan minder pensioenuitkering ontvangen.


Verplicht rookbeleid voeren

Vanaf 2020 moeten organisaties verplicht HR-beleid voeren om de organisatie rookvrij te krijgen. Verschillende tussenstappen moeten roken steeds minder ‘normaal’ maken. Zo zijn rookvrije schoolterreinen vanaf 2020 verplicht en worden rookruimten in de horeca uiterlijk juli 2022 gesloten. Het rookverbod wordt vanaf 2020 bovendien uitgebreid voor de e-sigaret met en zonder nicotine. Bedrijfsartsen nemen roken mee in elk contact en zullen roken ontmoedigen door tools aan te bieden om te stoppen met roken.

Bron: https://www.personeelsnet.nl/bericht/dit-weten-we-nu-al-over-de-wijzigingen-voor-hr-in-2020